Wil je met mij in contact komen? rolf@a-business.nl
Terug naar overzicht

Column-reeks Taigur: T van Target

In mijn columnreeks TAIGUR, van Target naar Re-use neem ik je vandaag mee in de T van Target.

Inleiding: eerst kiezen, dan optimaliseren

Wanneer alles prioriteit is, heeft niets prioriteit. Herkenbaar? Veel ondernemers starten met een oplossing (“we willen AI inzetten”, “we kopen een nieuw systeem”) en pas daarna zoeken ze het probleem erbij. De T van Target draait dat om. Je begint met één scherp doel op een plek waar de grootste winst vrijkomt, in de waarde voor je klant en organisatie, en in welzijn voor je mensen. Pas daarna bepaal je welke middelen nodig zijn. Soms is dat AI of automatisering, soms een simpele koppeling, opleiding of het versimpelen van werkwijzen.

TAIGUR is een praktisch 6-stappenmodel voor toekomstgerichte organisaties. Het bundelt strategie, data, techniek en mens in een logische volgorde: eerst gericht analyseren (T), dan slim optimaliseren (A t/m R). Onze regisseurs zijn bruggenbouwers tussen business en techniek. Ze beginnen bij de kern: wat is de echte behoefte, wat werkt al goed, waar zit ruis of verspilling, en wat kun je schrappen voordat je iets bouwt? Die volgorde maakt het verschil tussen een druk project en een resultaat dat iedereen voelt in de operatie.

Een goede Target is concreet, meetbaar en haalbaar in weken, niet in jaren. Ze voorkomt “leuke-dingen-projecten” die weinig veranderen aan de werkdruk. Een goede Target maakt welzijn expliciet: minder ruis, minder herstelwerk, meer rust in roosters. En ze dwingt tot keuze: één doel, één eigenaar, één eerste doorbraak.

Hoe bepaal je jouw Target? Stap voor stap (zonder doel redeneren)

Stap 1: Noem het beestje bij de naam

Begin met hardop uitspreken wat je echt wilt winnen. Niet “we willen digitaliseren”, maar “we willen binnen acht weken de doorlooptijd in klantintake met 30% verlagen” of “we willen het aantal factuurcorrecties halveren zonder extra FTE”. Koppel er 2 of 3 meetbare uitkomsten aan: doorlooptijd, foutpercentage, herstelwerk, kosten per order, klanttevredenheid. Zet er een einddatum op. Zo voorkom je dat je blijft hangen in goede bedoelingen.

Stap 2: Kies het procesdomein met de meeste waarde

Loop door je keten en zoek de hotspots. Plekken met wachtrijen, veel handwerk of uitzonderingen, en terugkerende klachten. Kijk waar fouten ontstaan die later in de keten duur zijn om te herstellen. Bespreek met het team waar zij de meeste frustratie ervaren. Daar zit namelijk vaak je grootste winst. Neem voor jezelf een eenvoudig besliskader: hoge impact op waarde en welzijn, en realistisch haalbaar in de komende 4–8 weken. Dat is je speelveld.

Stap 3: Ga naar het werk

Ga letterlijk kijken. Plan twee uur op de werkvloer en observeer. Hoeveel keer wordt informatie opnieuw ingevoerd? Waar wachten mensen op een akkoord of op gegevens die al ergens bestaan? Welke stappen voegen voor de klant geen waarde toe? Laat medewerkers het proces tekenen op een A3, inclusief tijden en knelpunten. Vraag ook naar wat al goed gaat; dat wil je niet onnodig veranderen. Deze praktijkblik voorkomt dat je een mooi plan schrijft dat in de werkelijkheid niet past.

Even een voorbeeld. Bij een bekende dienstverlener bleken terugbelverzoeken en halfgevulde dossiers de intake te verstoppen. Door mee te kijken, zagen we dat er maar liefst vijf varianten van dezelfde stap bestonden. Medewerkers raakten tijd kwijt aan zoeken en herstellen. De oplossing zat niet in een tool, maar in het vereenvoudigen van de werkwijze. Zo simpel kan het zijn!

Stap 4: Versimpel voor je automatiseert

Automatiseren wat je beter kunt schrappen, is weggegooid geld. Eenvoud wint bijna altijd. Standaardiseer daarom eerst de 80/20: maak één heldere werkwijze voor de meeste gevallen en ontwerp een simpele route voor uitzonderingen. Haal dubbele controles eruit, bundel handelingen die nu verspreid over de dag gebeuren, en leg cruciale stappen vast in een korte checklist. Vaak scheelt dit al 20 tot 30 procent aan tijd en fouten, nog zonder techniek. Dat is waarde die iedereen direct voelt.

Stap 5: Maak welzijn onderdeel van je doel

Prestatie en welzijn versterken elkaar. Vraag het team hoe de werkdruk wordt ervaren, waar ruis zit (terugzoekwerk, onderbrekingen), hoeveel autonomie men heeft om taken af te maken, en of fouten veilig besproken kunnen worden. Kies 1 of 2 welzijnsindicatoren die je meeneemt als succescriterium. Neem bijvoorbeeld “20% minder onderbroken werk” of “+1 punt rustbeleving”. Zo voorkom je dat je sneller gaat rennen op een onhandig pad.

Stap 6: Check je dataminimum en praktische haalbaarheid

Je hebt geen perfecte data nodig om te starten, wel voldoende betrouwbaarheid om eerlijke conclusies te trekken. Kijk wat er al is, welke koppelingen echt noodzakelijk zijn en wat je tijdelijk met handmatige exports of kleine scripts kunt oplossen. Check AVG/privacy punten en zorg dat de proceseigenaar en het team achter de verandering staan. “Goed genoeg” om te leren is beter dan “perfect” maar nooit beginnen.

Stap 7: Schrijf je Target op in één zin

Dwing jezelf tot helderheid: “Binnen acht weken 30% minder wachttijd in klantintake MKB door de 80/20-werkwijze en een checklist van zeven punten, zonder extra FTE, met +1 punt medewerkerstevredenheid op ‘rust in werk’.” Eén zin, zodat iedereen hetzelfde bedoelt en je later eerlijk kunt toetsen of je het gehaald hebt.

Stap 8: Wijs één eigenaar en een strak ritme toe

Zonder eigenaarschap verzandt alles. Wijs één proceseigenaar aan met mandaat om te beslissen. Plan wekelijks een kort beslisoverleg (30 minuten). Iedereen komt met feiten, knelpunten en voorstellen; aan het eind ligt er een besluit en is helder wie wat doet. Houd een simpele besluit- en actielijst bij. Zo houd je vaart zonder vergadercircus.

Stap 9: Kies een MVP die je binnen 4–6 weken live zet

Begin klein en voelbaar: één team, één locatie of één productgroep. Beschrijf vooraf wat “af” is: welke KPI’s moeten bewegen, welke welzijnsmeters horen daarbij, en hoe je ze meet. Maak werkinstructies kort en visueel (één A4 per rol) en plan in de eerste week na livegang een dagelijkse check-in om kinderziektes direct te tackelen. Succes smaakt naar meer. Eerst bewijzen, dan schalen.

Nog een voorbeeld. In een productiebedrijf bleken veel creditnota’s te komen door verouderde artikelcodes. De Target werd: “50% minder correcties in zes weken, nul extra FTE.” De eerste stap? Verouderde codes schrappen, een dwingende keuzelijst in het ERP zetten en per week tien dossiers steekproefsgewijs controleren. Resultaat: 58% minder correcties. Pas daarna kwam een eenvoudige koppeling met het magazijnsysteem in beeld.

Stap 10: Weet wat de rest van TAIGUR straks van je vraagt

De T zet de toon. Daarna pas je A t/m R gericht toe. Je kiest hulpmiddelen (AI of anders) die je doel versnellen, je organiseert data en informatie, je genereert meetbaar resultaat, je borgt gebruik in de praktijk en je hergebruikt wat werkt. Doordat je T scherp is, voorkom je dat je techniek inricht voor een probleem dat al met eenvoud was opgelost.

Waar je op moet letten (aandachtspunten uit de praktijk)

Kies een proces dicht op de operatie. Daar is de winst direct zichtbaar en blijft de energie in het team hoog. Werk vanuit de realiteit. Observeer, meet en verbeter in kleine stappen. Maak uitzonderingen niet tot norm. Ontwerp voor de 80% en geef de 20% een heldere “escape” met aparte instructie. Betrek de stille experts in het team, zij hebben vaak de beste voelsprieten voor waar het misgaat en wat al werkt. Koppel je Target aan een klantmoment (sneller antwoord, minder fouten). Dat zorgt vanzelf voor draagvlak bij management en werkvloer.

Vergeet de nulmeting niet. Meten vanaf dag nul maakt je eerlijk over wat wel en niet werkt. Visualiseer je voortgang op één plek (een A3 op de muur volstaat): doel, KPI’s, acties, besluiten. Houd het regime licht, maar het ritme vast. Werk in kleine batches en beperk tegelijkertijd lopend werk. Dat geeft focus en voorspelbaarheid. En vooral, behandel welzijn niet als bijzaak. Ruis wegnemen en rust brengen is geen “zachte” keuze, het is randvoorwaarde voor duurzame prestatie en lagere uitstroom.

Valkuilen (en hoe je ze ontwijkt)

De grootste valkuil is verliefd worden op een oplossing. “We willen een chatbot” is geen doel. Formuleer je Target in procestaal en impacttaal, niet in techniektaal. Een tweede valkuil is scope creep. Elke week komt er iets bij en je raakt het spoor kwijt. Werk met een duidelijke timebox, één eigenaar en een “laterlijst” waar goede ideeën geparkeerd worden tot na het MVP.

Ook gevaarlijk, dataperfectionisme. Maanden wachten op perfecte datasets helpt niemand. Werk met representatieve steekproeven en verbeter je datakwaliteit gaandeweg. Een andere valkuil is de “PowerPoint‑realiteit”: prachtige schema’s, maar niets getest in het echte werk. Ga naar de werkvloer, probeer, leer en meet wekelijks. Verder zie je vaak dat projecten vastlopen omdat niemand echt eigenaarschap heeft. Los dat op voordat je begint.

Nog zo’n klassieker, alleen de leuke dingen doen. Projecten die inhoudelijk interessant zijn maar weinig bijdragen aan waarde of werkdrukverlaging, kosten alsnog energie en geld. Hanteer daarom een simpele prioritering: waarde × welzijn × haalbaarheid. En vergeet niet dat een big‑bang rollout zelden verstandig is. Wat lokaal werkt, schaal je daarna nuchter op. Tot slot, automatiseren voor je het proces hebt opgeschoond. Als je varianten en rommel laat staan, maak je de chaos alleen maar sneller. Versimpelen eerst, dan pas techniek. En als het niet werkt: durf te stoppen. Vooraf heldere exit criteria helpt om scherp te blijven.

Snel aan de slag: 10 praktische tips
  1. Organiseer een Target‑werksessie van 2 uur met proceseigenaar, 2 – 3 medewerkers, iemand van IT/data en eventueel HR. Eindig met één A3 (doel, KPI’s, scope, nulmeting, eigenaar).
  2. Maak vandaag een stoppen‑lijst met maximaal 3 dingen die je per direct schrapt (bv. dubbele invoer, losse statusmails, overleg zonder besluiten).
  3. Meet vanaf dag nul: 3 prestatie‑KPI’s (doorlooptijd, fouten, herstelwerk) en 2 welzijnsmeters (ruis, rustbeleving).
  4. Teken het proces grofmazig op tijd: waar gaan de minuten/uren echt naartoe? Zet over‑ en terugkoppelingen duidelijk in beeld.
  5. Kies binnen vijf werkdagen je MVP‑scope (één team/locatie/productgroep) en plan een livegang binnen 4 – 6 weken.
  6. Plan een wekelijks beslisoverleg van 30 minuten met vaste agenda: voortgang, knelpunten, besluiten, wie‑doet‑wat.
  7. Maak visuele instructies op één A4 per rol en hang ze op de werkplek, “handig” wint van “mooi”.
  8. Leg de top‑5 uitzonderingen vast met korte handelingskaarten, de rest parkeer je bewust naar later.
  9. Bepaal je dataminimum. Welke velden moeten betrouwbaar zijn om eerlijk te kunnen meten en sturen? Borg die nu.
  10. Zet een bruggenbouwer in (regisseur) die zowel business als techniek spreekt. Geen tool‑shopping zonder scherpe Target.
Conclusie

De T van Target dwingt tot kiezen. Je kiest waar je in weken het meeste verschil maakt, in waarde en in welzijn. Door eerst te versimpelen en pas daarna te automatiseren, voorkom je dat je snelheid zet op de verkeerde dingen. Met één zin als doel, een klein maar voelbaar MVP en een strak ritme maak je het concreet, meetbaar en herhaalbaar. Dat geeft lucht aan je mensen en rendement aan je organisatie.

De volgende keer in deze reeks, de A van AI‑First. Hoe je techniek en architectuur pas inzet als je Target haarscherp is en daarmee versnelt zonder ruis.

Gepubliceerd op 21 februari 2026 op Taigur

Meer weten? Neem contact met me op!

Wil je weten wat ik voor jouw bedrijf kan betekenen? Laat je inspireren tijdens een adviesgesprek!

Naar contact